Muziek op vrijdag #1 – Hoe blijft je platenkast cool terwijl je ouder wordt

Toen ik 16 jaar oud was, kon mijn haar niet lang genoeg worden en mijn muziek nooit te hard zijn. Toch maakte ik me wel een beetje zorgen om de toekomst. Overal om me heen zag ik ouders en leraren die heel weinig met muziek ophadden. En als ze al naar muziek luisterde, was het kutmuziek. Op een gegeven moment zag ik in,  dat ik hoe dan ook toch volwassen zou worden. Maar hoe voorkom je, dat je niet zelf zo’n belabberde muzieksmaak krijgt?

Je zou je kunnen afvragen hoe belangrijk zoiets is. Maar toevallig was was ik van de smaakpolitie. Één blik in iemands boekenkast kon mijn mening over iemand behoorlijk bijstellen.  En als het om muziek ging, was ik een complete fundamentalist. Een soort van Muzieknazi. Metal moest het zijn. Of in ieder geval stevige rockmuziek. Met elektrische gitaren. Geen grunge, geen alto- muziek, geen top-40.  Er zijn relaties niet doorgegaan vanwege knuffelrock cd’s.

Er ontstond een soort van zoektocht.  Hoe blijft je platenkast cool terwijl je ouder wordt

Er was een aanknopingspunt. Van de muziekleraar uit de brugklas had ik één regel onthouden. En dat was de volgende:

De muziek die je luistert tussen je 14e en je 20e, bepaalt je muzikale smaak voor de rest van je leven.

Daar kon ik wat mee.  Door gesprekken met volwassenen om me heen. Begreep ik dat het ook nog wel iets subtieler lag.  Want de mannen die nu met veel plezier naar ABBA luisterden, hadden in hun jonge jaren toch ook wel naar wat stevigers geluisterd. Die hadden platen van Deep Purple en Hendrix in huis.

Zo kwam ik op de tweede belangrijke regel:

Als volwassene luister je nooit meer naar de meest extreme muziek die je hebt gehoord, maar kom je op een soort van gemiddelde van je muzieksmaak als puber uit.

Dan kan je dus nog maar één conclusie trekken.  En dat wil ik dan wel regel 3 noemen:

Hoe extremer de muziek is waar je voor je 20e naar luistert, hoe groter de kans is dat je geen ouwe zak wordt.

Deze regels nam ik heel erg serieus. En zo kwam ik terecht via Iron Maiden & Slayer,  bij Altar, Venom, Cradle of Filth, Dimmu Borgir. En meer van dat soort Black & Death metal.  Achterin mijn platenkast staat daar nog een behoorlijk stapel van.

Werkt het?

Dat is een goede vraag.  Misschien wel. In ieder geval kan ik nog steeds met volle teugen genieten van. Slayer, Manowar, Kiss & andere metalbandjes. De echt extreme zooi, zoals Cradle of Filth of Mayhem, hoeft van mij inderdaad niet meer.  Leuk voor 5 minuten, maar dan gaat het ook echt wel weer uit. Of dat anders was geweest als ik niet naar die tering-herrie had geluisterd durf ik niet te zeggen. Misschien had ik dan de jongens wel meegenomen naar K-3 in plaats van ze in Kiss t-shirts te hullen vanaf hun geboorte.

Ik luister zeker niet meer exclusief naar Metal. Maar helemaal tijdens het sporten. Dan kan er toch weinig op tegen een klassieker als deze.